Woekerpensioen

Woekerpensioen

Peter van Hoesel, 18 april 2013

Deelnemers van pensioenfondsen lopen de laatste jaren nogal wat klappen op: jarenlang geen inflatiecorrectie, afstempelingen, een extra belastingverhoging voor gepensioneerden. Je hoort of leest ondertussen maar weinig over een andere oorzaak van tegenvallende pensioenen, namelijk de beheerskosten van pensioenfondsen.

Die beheerskosten worden in allerlei jaarverslagen en artikelen uitgedrukt in termen van een percentage van het beheerde vermogen. Percentages die je dan tegenkomt liggen in de orde van 0.5% (administratieve kosten plus beleggingskosten). Dat lijkt op het eerste gezicht niet erg veel. Maar dat is nogal bedrieglijk, want die 0.5% betekent in feite dat er elk jaar ca. 20% van de ingelegde premies wordt bestemd voor beheerskosten. En het kan nog wel hoger uitvallen dan 20%, als je in aanmerking neemt dat die 0.5% ook de op eerder ingelegde premies gemaakte rendementen betreft. Kleinere pensioenfondsen maken relatief hogere kosten dan grotere, dus die 20% kan bij kleine fondsen ook wel 30% zijn.

Bij woekerpolissen van levensverzekeringen hebben verzekeringsmaatschappijen het nog een stuk bonter gemaakt, maar het wordt wel tijd die beheerskosten van pensioenfondsen eens ter discussie te stellen. Gek genoeg hebben de pers en media hier maar weinig aandacht aan besteed.

Waaraan zijn die hoge kosten eigenlijk toe te schrijven?

De belangrijkste oorzaak is gelegen in de ingewikkeldheid van het pensioensysteem, die de weg opent voor allerlei financiële experts op dit gebied om flink te verdienen aan die ingewikkeldheid, zoals actuarissen, pensioenadviseurs, pensioenadministrateurs, verzekeraars, beleggingsadviseurs, tussenpersonen, fondsbeheerders, bestuurders, toezichthouders etc. Aangezien dit voor de deelnemers van pensioenfondsen allemaal achter de schermen gebeurt is het voor al die professionals bovendien niet zo moeilijk om er (veel) meer geld mee te verdienen dan strikt nodig zou zijn. De professionals zijn dan ook gebaat bij die ingewikkeldheid. Ze gaan er in de meeste gevallen ook nog eens prat op, dat zij dit ingewikkelde systeem kunnen doorzien waar het voor de modale pensioendeelnemer totaal intransparant is. Praat bijvoorbeeld maar eens met een actuaris en je merkt al gauw dat zijn uitleg je eerder in de war brengt dan dat je er een snars van gaat begrijpen. Tijdens zo’n gesprek voel je aan dat de ingewikkeldheid door zo’n actuaris wordt gekoesterd, en dat is ook logisch want zijn inkomen is er direct afhankelijk van en bovendien versterkt het zijn beroepstrots. Dit verschijnsel gaat evenzeer op voor al die andere professionals.

Een tweede oorzaak is ongetwijfeld, dat er nauwelijks marktwerking bestaat in de pensioenwereld. De deelnemers hebben geen keus, ze zijn immers veroordeeld tot het pensioenfonds dat hun werkgever heeft gekozen. Voor zelfstandigen ligt dat anders, maar die hebben nogal eens te weinig inkomen om een pensioen te kunnen opbouwen en als ze wel voldoende inkomen hebben lopen ze nog tegen het risico aan dat een verzekeringsmaatschappij ze met min of meer onzichtbare hoge beheerskosten opscheept.

Als de beheerskosten zouden kunnen worden gehalveerd zouden de dekkingsgraden van zelfs de zwakke fondsen weer (ruim) boven de 100% komen, ondanks de huidige lage rekenrente. Maar hoe zouden we dat voor elkaar kunnen krijgen?

Een makkelijke maatregel zou natuurlijk zijn om een wettelijk maximum vast te stellen van bijvoorbeeld 10% van de jaarlijkse premie-inleg. De fondsbeheerders zullen dan ongetwijfeld gaan roepen, dat ze het voor die prijs niet kunnen doen. Gelet op het huidige ingewikkelde stelsel hebben ze daar ten dele wel gelijk in (ten dele ook niet). Dat stelsel moet daarom op de schop, waarbij vereenvoudiging voorop dient te staan, hetgeen tevens ten goede kan komen aan de transparantie.

De belangrijkste oorzaak van de huidige ingewikkeldheid is gelegen in het feit dat pensioenuitkeringen in vrijwel alle gevallen worden gegarandeerd (defined benefit). Die garantie blijkt overigens niet waterdicht, gelet op de afstempelingen bij een aantal fondsen en de langdurige bevriezing van de uitkering bij bijna alle fondsen. Het loslaten van de uitkeringsgarantie (defined contribution) is een snelle manier om ingewikkeldheid te bestrijden.

Daarnaast kan worden overwogen de pensioenen te individualiseren, want ook dat zou het systeem vereenvoudigen. Echter, het loslaten van de collectiviteit van de fondsen is veel ingrijpender dan het loslaten van de garantie en zal daarom op maatschappelijke weerstanden stuiten. Die maatschappelijke weerstanden kunnen overigens wel worden overwonnen door te laten zien dat de collectiviteit van het huidige stelsel vooral gunstig uitpakt voor mensen met hoge inkomens en hoge opleidingen. Het kost alleen tijd om dit goed te laten doordringen tot de modale pensioendeelnemer. Gelet op de politieke kleur van de huidige bewindslieden bij SZW zou het mogelijk moeten zijn om ook individualisering van het stelsel bespreekbaar te krijgen. Bij individualisering wordt het tevens mogelijk om deelnemers de vrijheid te geven hun eigen pensioenfonds te kiezen, hetgeen de transparantie zal bevorderen. Ongetwijfeld zullen fondsen met weinig beheerskosten dan de voorkeur krijgen.

Het loslaten van de garanties is ondertussen al een tijdje aan de gang, dus het lijkt nauwelijks meer een probleem om dit helemaal los te laten, zeker zodra men gaat beseffen dat de pensioenuitkeringen er juist van zullen opknappen vanwege de lagere beheerskosten.

Reacties

Volgorde van reacties: Aantal: Automatisch laden:
    • Reyer Brons
      Reyer Brons 2001 dagen geleden

      En hier dan stevige kritiek op het pensioen-plan van de jongeren - half werk en veel te duur!

      • Reyer Brons
        Reyer Brons 2004 dagen geleden

        Niet zo radicaal als Peter voorstelt, maar wel een heel fris idee, dit 10-puntenplan van drie jongeren-organisaties van politieke partijen.
        Ze geven ook nog een antwoord op de meeste vragen van Harrie. 

        • Harrie Custers
          Harrie Custers 2032 dagen geleden

          Vereenvoudigen betekent ook het WHY beantwoorden.

          1. Waarom ook al weer een pensioen opbouwen?
          2. Waarom ook al weer die opbouw verplichten? Waarom mag een "vrij" mens daar niet zelf voor kiezen?
          3. Waarom ook al weer een verplicht pensioenfonds? Waarom geen concurrentie toestaan door vrije keuze?
          4. Waarom bepaalt de aanbieder mijn pensioen? Waarom kan ik niet kiezen voor opbouw van een bepaald bedrag of voor opbouw van zeg 30% van mijn (gemiddeld) verdiend loon?
          5. Waarom ook al weer een collectief pensioenfonds?
          6. Waarom ook al weer mag ik mijn pensioenopbouw niet doen via opbouw van eigen vermogen in mijn huis? Dat is toch veel goedkoper en met minder risico dan wanneer ik "onbekenden" met mijn geld laat beleggen?

          Zo ingewikkeld kan een menswaardig pensioen opbouwen toch niet zijn?

        Reageren is alleen mogelijk voor aangemelde gebruikers