UITVOERINGSLOGICA: een middagje in Den Haag.

    Netwerk PI
    • Iedereen (publiek zichtbaar)
    Door Netwerk PI 1922 dagen geleden
    UITVOERINGSLOGICA:  een middagje in Den Haag.

    Tussen uitvoeringslogica en beleidslogica zit verschil. Dat verschil lijkt van betekenis voor de stagnatie in dit land. Een brug tussen die logica’s lijkt de sleutel voor verandering. Maar de ambtelijke top heeft die nog niet gevonden. De huidige coalitie lijkt niet eens te beseffen dat naar die sleutel moet worden gezocht. Tom van Doormaal doet een verkenning.

    Het was op de 36ste verdieping van de toren van BZK in Den Haag, op circa 130 meter hoog. Ik keek naar de tankers in de Noordzee en hoorde ineens de DG, Gert Jan Buitendijk  het woord uitspreken  dat ik wilde over houden uit een middag “Pitch 2013”: het woord  “uitvoeringslogica”. De voorzitter van de bijeenkomst had het thema  van de relatie tussen beleid en uitvoering gehoord, maar ik siste tegen mijn buurman dat het ging over de logica. Dat waren wij eens.

    De jury, die de indiener de prijs toekende had beter geluisterd; DG Buitendijk had met het woord uitvoeringslogica een begrip gehoord dat hem zou bijblijven. De winnaar van de Pitch 2013, Erik Gerritsen uit Amsterdam was er niet. Zijn inzending had als kop:  “Maak contact ! (met de uitvoeringswerkelijkheid)”.  Kernzinnen van zijn inzending:

    “Doel van de werkstage is om meer begrip te kweken voor de uitvoeringslogica bij mijn ambtenaren die normaal gesproken totaal in beslag worden genomen door de Haagse beleidslogica. Een beleidslogica die, zolang die blijft domineren bij de rijksoverheid, contraproductief zal blijven werken als het gaat om het oplossen van ongetemde maatschappelijke problemen.”

    Dat is een mooi antwoord op de Pitchvraag van 2013: “Als jij voor een dag minister van BZK zou zijn, wat zou jij dan doen om de samenwerking tussen overheidsorganisaties te verbeteren.”  Het is ongetwijfeld waar dat er een kloof is tussen de beleidslogica en de uitvoeringslogica. Maar waar zit dat dan precies in en wat kunnen we met dit onderscheid? Waardoor wordt die kloof veroorzaakt?

    Prijsvraaglogica

    De middag (13/6/13) verliep redelijk ordelijk en voorspelbaar: jonge, enthousiaste ambtenaren, een mooi betoog over innoverend ondernemen en uit je comfortzone komen van Michiel Muller, de uivinder van de Tango-tankstations. De pitches, over hoe het allemaal beter kon, leuke en geinspireerde verhaaltjes.

    Maar deze oude ambtenaar kreeg gaandeweg een licht gevoel van onbehagen. Want niemand had het over de politieke en bestuurlijke context, waar in de ambtenaar en de bureaucratie opereert. De overheid of het openbaar bestuur is toch een geheel van politieke sturing en ambtelijke organisatie? De politiek bepaalt toch de doeleinden en de ambtelijke organisatie regelt toch loyaal de uitvoering? Hoe is het mogelijk dat niemand daarover iets zegt, dat men de politiek eerder lijkt te vergeten, dan zich creatief en professioneel tot die politiek te verhouden?

    De eenvoudige verklaring kan de lezer vinden in de formulering van de vraag: wat zou je doen in één dag om de samenwerking tussen overheidsorganisaties te verbeteren? Strikt genomen kun je nog veronderstellen dat het begrip overheidsorganisaties ook de politieke aansturing ervan impliceert, of dat zulks bedoeld is. Maar eigenlijk is de vraag a-politiek geformuleerd en dan krijg je vooral antwoorden die blijven steken op intra- en inter-bureaucratisch niveau.

    In de politiek gebeurt weinig om je over te verheugen, maar moet dit? Een reden om de politieke aansturing van het openbaar bestuur te negeren, is het in geen geval.

    Mooie initiatieven

    Met BZK-geld worden veel mooie initiatieven en projecten gefinancierd, zo leerde ik op de hoogste verdieping in Den Haag. Ik vroeg wat door naar de verbindingen tussen al dit leuks en de staande organisatie en de politiek. Maar daar scoorde ik weinig.

    Ik trof een medewerker van Boer en Croon en betoogde: dit land heeft een keurige coalitie van het politieke midden en heeft die ook nodig. Alleen heeft die coalitie geen operationele inhoud gemaakt, door een haastige ruilformatie van Mark en Diederik. “Wat zou er dan moeten?”, vroeg de consultant.

    Een ontwikkelings- en experimentenbeleid, met bundeling en focus, en politiek bestuurlijke commitment vanuit de top, zei ik. “Wie moet er dan zijn nek uitsteken?” vroeg de consultant. Daarmee had ik weinig moeite: de minister van BZK, Plasterk zelf.

    Wat doet het departement met alle mooie initiatieven, die in de projecten worden ontwikkeld en wat wordt omgezet in nieuwe praktijken? De gemeenten kreunen onder het tempo van de decentralisaties en de vaagheden, die daarmee samenhangen. Hoe overstijgen we de ideologisch gekleurde denkbeelden uit de “elkaar wat gunnen-formatie” tot de serieuze nieuwe inhouden, waarmee we dit land nieuwe inspiratie en een koers voor hervormingen kunnen geven? Misschien door de “20 x 20 aanpak”, maar die is door gebrek aan daadkracht ook al weer ad acta gelegd.

    Met een glas in de hand word ik dapper, dus ik riep: wat er ontbreekt is een professionele dialoog tussen de ambtelijke bureaucratie en de bestuurlijke top. Waarover die zou moeten gaan? Over de uitvoeringslogica van Erik Gerritsen, natuurlijk. We kunnen niet echt hervormen als we elkaar blijven bestrijden op het vlak van operationele maatregelen en hun effecten. Uit de krant : het sociaal akkoord is gericht op behoud van werkgelegenheid, maar kost arbeidsplaatsen. Geen wonder dat de werkloosheid blijft oplopen, bij zoveel ontbrekend politiek leiderschap..

    Politiek en bestuur

    Tussen politiek, bestuur en samenleving bestaat een ingewikkelde en moeizame relatie. Het is een cliché te beweren dat de samenleving zo ingewikkeld is geworden en zich zo moeilijk laat besturen. Een tweede minister van het BZK departement, Blok,  laat zien  dat de complexiteitsreductie bij de strijd tegen complexiteit, faalt als techniek. Hij heeft met zijn woonakkoord nog niets bereikt op de woningmarkt en te vrezen valt dat “het beleid” van het akkoord meer negatieve dan positieve bijeffecten zal  hebben. Tenslotte is door de verwoesting in de bouwnijverheid te vrezen dat een nieuw oligopolie van bouwers een nieuwe prijsslag zal veroorzaken.

    Je kunt, in navolging van Luhmann wel pleiten voor die paradoxale reductie van complexiteit,  maar besturing van ingewikkelde systemen vraagt “requisite variety”, een term van de wiskundige Ross Ashby. Alleen, dat is allemaal te ingewikkeld in Den Haag en liever moeten we “interactief” beleid ontwikkelen. Daarmee zijn ideologische aansturing en principes buiten haken gezet: het gaat om het proces, waarin politiek en bureaucratisch handelen in elkaar vervloeien, met het openbaar bestuur in de rol van procesmanager.  Het schept voor de politiek de ruimte om zich met incidenten bezig te houden, de toekomst te laten bepalen door een vage sociale consensus in de samenleving. Laten we maar niet al te veel klagen over de grilligheid van de kiezersgunst. Paul Kuypers zegt: “Interactief bestuur is eigenlijk een nieuwe vorm van corporatisme, een corporatisme dat vloeiend geworden is.”(p.125)

    Uitdaging

    Het voorgaande is een summiere aanduiding van hetgeen er misloopt in de relatie tussen politiek en bestuur. Anderen hebben daar meer en zinniger over geschreven. Iik bedoel slechts aan te geven dat er geen simpele oplossingen zijn, waarmee je in één dag een begin kunt maken. Mijn uitdaging, geinspireerd door Pitch 2013, is gericht aan het openbaar bestuur van dit land. Dat is dus de gehele politieke en ambtelijke top.

    De politiek en de bureaucratie bevinden zich in een tragische en machteloze stagnatie. Er ontbreekt  toepasbare inhoud, er ontbreekt een positieve, professionele dialoog tussen politieke en ambtelijke toppen. Dat is de samengebalde betekenis van het woord uitvoeringslogica.

    De ongetemde maatschappelijke problemen liggen niet binnen het bereik van de beleidslogica. Maar toch: in mijn ambtelijke ervaring kon elke uitvoerende professional met denkbeelden komen voor een verbeterde praktijk. Iedereen weet van geklungel, parasitair gedrag of diefstal. Iedereen weet ook mogelijkheden voor verbetering. Er zijn systemen voor systematische verbetering ontwikkeld en in de praktijk beproefd. Die moeten worden gebruikt.

    De politiek moet niet roeptoeteren, niet elkaar wat gunnen, niet geloofsartiekeln uitventen. Leidende politici zouden moeten bevorderen dat een echte inhoudelijke dialoog op gang werd gebracht, die tot concrete voorstellen voor verbetering zou leiden.

    Tom van Doormaal, 17 juni 2013

    Bronnen:
    Paul Kuypers, Rooksignalen, opstellen over politiek en bestuur, Amsterdam, 2001
    Pitch 2013, Challenge samenwerking overheidsorganisaties, BZK,  juni 2013

    Reageren is alleen mogelijk voor aangemelde gebruikers