Innovatie in Nederland: dat loopt juist goed!

    Netwerk PI
    • Iedereen (publiek zichtbaar)
    Door Netwerk PI 1835 dagen geleden
    Innovatie in Nederland: dat loopt juist goed!

    Peter van Hoesel, 12 november 2013

    Het valt mij op dat allerlei deskundigen zich vooral negatief uitlaten over innovatie in Nederland. Er spreekt een angst uit dat Nederland zal gaan achterlopen en dat dit ten koste zal gaan van onze welvaart. Die angst wordt (onder meer) onderbouwd met verwijzingen naar de hogere uitgaven aan R&D in andere landen, de zesjescultuur bij onze studenten, de forse groeicijfers in opkomende economieën, de grote aantallen ingenieurs die jaarlijks in andere landen afstuderen, de dominantie van de dienstensector in ons land ten opzichte van de industrie.
    Het lijkt op het eerste gezicht zinvol om dit soort waarschuwende signalen te geven, maar het is zeer de vraag of het beeld dat hiermee wordt opgeroepen wel klopt en of je met zulke signalen iets opschiet.

    Dat in NL de R&D-uitgaven minder hoog zijn dan in veel andere landen, klopt wel, maar je moet natuurlijk vooral kijken naar het rendement van die uitgaven. Er zijn diverse indicaties dat Nederland het wat dit betreft juist goed doet, dus laat die andere landen maar met geld smijten terwijl wij er met minder geld meer uithalen, zou ik zeggen. Bovendien zeggen die R&D-uitgaven niets over de innovatie in het MKB, want dat wordt nauwelijks gemeten. En juist het Nederlandse MKB is op werkvloerniveau behoorlijk actief met voortdurende verbeteringen van producten en processen, ondersteund door de nationale cultuur van werknemers die de baas mogen tegenspreken.

    Die zesjescultuur is eigenlijk helemaal niet zo bedenkelijk. Veel vakken zijn voor studenten vooral noodzakelijk kwaad, ze worden er nauwelijks door in vervoering gebracht. Zodra een student echt geïnteresseerd raakt in een onderwerp, gaat het vanzelf de goede kant op, dan laat hij of zij zich meevoeren en komen de resultaten juist wel op het gewenste niveau.
    Er zullen ook heel wat studenten zijn die voor geen enkel vak enthousiast te krijgen zijn, omdat ze een verkeerde richting hebben gekozen of omdat ze de aanleg ervoor missen. Het is in zulke gevallen maar goed dat zoiets in lagere cijfers tot uitdrukking komt, want dat bewijst dat docenten nog steeds in staat zijn de minder goede studenten te onderscheiden van de goede. De goede studenten zijn volgens mij meer dan voldoende gemotiveerd om ook echt iets van hun vak te maken, zeker ook na het afstuderen.

    De hoge groeicijfers in opkomende economieën hoeven ons niet te verontrusten. Het is nogal logisch dat zij in een sterke groeifase verkeren, want ze hebben nog steeds een forse achterstand in termen van BNP per hoofd. Zodra ze op westerse niveaus komen remt de groei vanzelf af, zoals we hebben gezien in landen zoals bijvoorbeeld Japan en Zuid-Korea. Er is nog geen heldere economische theorie over, maar het lijkt erop dat er vanaf een bepaald welvaartsniveau allerlei remeffecten gaan werken, zoals: verzadiging, behoefte aan een sobere levensstijl, sociaal beleid, milieubewustzijn, spaarzaamheid, kwaliteit boven kwantiteit. Dat is juist heilzaam, lijkt me.
    Verder dient te worden bedacht dat die opkomende economieën voor ons ook gunstige effecten hebben, zoals: goedkope import, export van met name dure spullen, concurrentieprikkels.

    De grote aantallen ingenieurs in landen als China en India hebben te maken met de veel grotere bevolking in die landen. Ze zijn nodig om de groei van hun economieën mogelijk te maken. Ze zullen ongetwijfeld werk overnemen van onze ingenieurs,zoals bijvoorbeeld in de ICT-sector al gebeurt. Ik zou zeggen: hoe meer ingenieurs hoe beter, want er zijn nog talloze technische oplossingen nodig om een betere wereld te krijgen. Denk bijvoorbeeld maar aan duurzame productie, waterhuishouding, landbouw, nieuwe energiebronnen, ICT-toepassingen. Onze ingenieurs zijn gespecialiseerd op een aantal van dit soort terreinen en zullen ook in de toekomst een belangrijke rol blijven spelen.
    Bedenk hierbij, dat Nederland diverse grote, toonaangevende, wereldwijd opererende ingenieursbureaus heeft, en daarmee werkgever is van vele buitenlandse ingenieurs. Hun kennis is voor ons dus onder handbereik.
    De aanmeldingen bij onze TU’s zijn ondertussen alweer een tijdje aan het stijgen, zelfs zodanig dat men het enigszins wil afremmen. Dat laatste is trouwens te betreuren.

    Een dominante dienstensector is voor ons land helemaal niet vervelend, want er valt goed te verdienen in de handel, de logistiek, de zakelijke dienstverlening e.d. Bovendien komt er heel wat technologie kijken bij dienstverlening, denk maar aan ICT, om de diensten op hoog niveau te kunnen leveren.
    Maar onderschat ondertussen niet onze industrie. Relatief is die niet zo gek groot, maar wel enorm belangrijk voor de export omdat er hoogwaardige producten worden geleverd, zoals onderdelen voor de Duitse automobielindustrie, machines voor het vervaardigen computerchips en allerlei andere industriële producten, vele hoogwaardige chemische halffabricaten. Diverse Nederlandse bedrijven behoren op hun gebied tot de wereldtop. En die positie hebben ze verkregen door voortdurend te innoveren.

    Kortom, het beeld van een achterlopend Nederland dat door velen wordt geschetst deugt niet. Dat beeld werkt volgens mij alleen maar demotiverend. Het behoort niet tot onze nationale cultuur om ons op de borst te slaan: doe maar gewoon, dan doe je gek genoeg. Maar sla niet door naar de andere kant, die mensen hoogstens mismoedig maakt en die verder ook niet bijdraagt aan enigerlei verbetering (als die al nodig zou zijn).

    Reageren is alleen mogelijk voor aangemelde gebruikers