Macht der machtelozen

    Netwerk PI
    • Iedereen (publiek zichtbaar)
    Door Netwerk PI 1340 dagen geleden
    Macht der machtelozen

    In het najaar van 1978 verscheen een politiek essay van Havel, met deze titel. ("The power of the powerless" is op internet te vinden.) Het stuk gaat over macht en vrijheid. Het werd aan twintig geselecteerde lezers verstuurd, die daarop op schrift zouden reageren. Dat mocht aanvullend, ondersteunend, of polemisch zijn.

    Het was in de nadagen van Charta 77 en het effect was dat Havel en zijn co-auteurs werden gearresteerd. Maar de bundel essays had een groot effect op de ontwikkelingen in de landen van het oostblok; het was brandstof voor de Poolse vakbeweging en een bouwsteen voor de fluwelen revolutie.

    Het is overdreven de vermolmde macht van Husak en Jaruzelski te vergelijken met de politieke onmacht van vandaag, al was het maar omdat hier de politieke repressie ontbreekt. Maar toch: de ideologische rechtlijnigheid, de druk om in de pas te blijven, het gebrek aan fantasie of creativiteit vertoont toch wel enige gelijkenis.

    Politieke armoede

    De strategie van Havel c.s. was los van de politiek, inhoud en voeding te leveren voor debat. Ze hadden een onwrikbaar geloof in "leven in waarheid", in de werking van inhoudelijke redeneringen. Dat geeft inspiratie. Zou het beleidsproces kunnen worden gevoed door serieuze, vrijzinnige commentaren van meedenkers en dwarsdenkers?

    Zo kwam ik terecht in het Netwerk voor Politieke Innovatie (NPI), met eenvoud in beleid als basismotief. Daarvoor is politieke innovatie nodig, want de politiek mist de vrijheid, de dapperheid, de creativiteit, de binding met vernieuwende bewegingen, die nodig is voor het bespreken en inslaan van andere richtingen in het beleid.

    Havel vertelt van de groenteboer, met zijn slogans in de etalage. Die gelooft niet dat de arbeiders van de wereld zich moeten verenigen, maar hij toont zich een brave burger door de slogans an het regime te etaleren. Zoals de machthebbers ook niet geloofden dat de slogans hielpen, Maar standaard beelden over de wereld uitspraken om zich lekker te voelen. En om conformisme veilig te stellen. Ik ben vast cynisch als ik gelijkenis zie met het politieke debat van ons, elke dag weer.

    Die innovatie begint dus bij het voeden van het politieke debat.

    Het debat over wonen

    Neem nu de discussie over de woningcorporaties:

    Het rapport van de parlementaire enquête-commissie wordt geprezen, maar de aanbevelingen zijn niet zozeer richting gevend, meer politiek retorisch flinke taal. Dat is niet onverwacht, want het onderzoek is opgehangen aan de incidenten en niet gericht op een herwaardering van het stelsel in het licht van de huidige tijd.

    Politieke innovatie zou, behalve door nieuwe richting,  ook kunnen ontstaan uit analyse en verbetering van operationalisaties van beleid. Ook daarin schiet de huidige discussie tekort. Het gaat over huurprijzen, puntenstelsel, eerlijke marktverhoudingen en soortgelijke ideologisch gekleurde artikelen. Sommige zijn betekenisvol, zoals de verhuurdersheffing en de betaalbaarheid/huurtoeslag discussie, maar gaan eigenlijk ook voorbij aan de fundamentele vragen, die het stelsel nu oproept:

    • Waar was de sociale huur precies voor? Is die, na een eeuw, nog nodig?
    • Welke beleidsinstrumenten dragen nog bij aan het doel, welke niet?
    • Wat is de wenselijke rol van het Rijk, van gemeenten, van woningcorporaties?
    • Welke beleidsinstrumenten passen bij die wenselijke rollen?

    De verwarring

    Helaas, daarover gaat het niet. De parlementaire enquête wil graag dat woningcorporaties failliet kunnen gaan. Maar, pardon? Woningcorporaties gaan niet failliet en hebben nog een paar voordelen in de borging op leningen, zodat zij goedkoop kunnen functioneren voor hun huurders en bescheiden huren kunnen aanbieden. Daarover was decennia geleden discussie binnen VROM: zou tucht van de markt niet heilzaam zijn? Gekozen werd voor het behoud van het sociale karakter, of hybriditeit.

    De gemeenten worden geacht een woonvisie te ontwikkelen en met woningcorporaties prestatie-afspraken te maken. Gedaan wordt, alsof dit een lumineuze gedachte is. Maar al twee decennia geleden waren dezelfde gedachten en intenties aan de orde. Meer dan vrijblijvende coordinatie is het niet geworden. Decentralisatie en kleinschaligheid zouden juist in het wonen richtsnoer moeten zijn, o.a. omdat het onderzoek steeds weer wijst op verschillen op lokale en regionale woningmarkten.

    De enquêtecommissie en minister Blok verschillen van inzicht over het toezicht. Maar of er een onafhankelijke woonautoriteit komt (vgl AFM, Opta, etc) of een ambtelijke toezichtsdienst onder de minister, maakt weinig uit. Autonome marktpartijen worden niet gestuurd door mensen met lijsten controlepunten, maar door de alledaagse verhoudingen waarbinnen zij opereren. Wie dat niet inziet, moet nog eens goed nadenken over alle toezichtsdiscussies, b.v. in de financiële sector. Toezicht vooraf is een illusie, achteraf vooral huilen.

    De verhuurdersheffing blijft ongenoemd. Maar de beleidsmatige logica raakt hiermee volledig zoek: er is een stelsel dat gericht is op het produceren van goedkope woonruimte voor lage inkomens, met een modererend huurbeleid, met individuele huurtoeslag en een borgingsstelsel voor de producenten van woonruimte. Dat kosten een paar centen, maar dan heb je ook wat. Alleen gaan we de huurinkomsten van 2 van de 12 maanden, die het systeem oplevert, wegbelasten. Het is onlogisch, rondpompen van geld.

    Enzovoort. Er is nog wel meer over het rapport van de parlementaire enquête en over de Novelle van Blok te zeggen. Maar moet ik het doen?

    Een ontregeling

    Een ontregeling van deze discussie is hard nodig. De laatste decennia worden gekenmerkt door geleerde commissies die aanbevelen hoe het systeem beter en anders kan. Alleen werken de rapporten niet, omdat zij zijn opgedragen binnen het politieke systeem dat de status quo in stand houdt. Zij gaan op een stapel of in de onderste lade.

    Vandaar deze uitdaging van het NPI: wij adresseren deze tekst aan mensen die vinden dat zij een opvatting hebben over de sociale volkshuisvesting. Zij worden verzocht na te denken, aan te vullen, mee of tegen te denken, maar vooral: richting te geven aan het debat en de politiek daarmee uit te dagen. Zij mogen op drie A-vier aangeven wat in hun visie ontbreekt.

    Het NPI wil de reacties verdichten en de politieke discussie hiermee voeden. De geadresseerden mogen aangeven of zij open of anoniem hun bijdrage willen leveren. Het NPI maakt er een publicatie van, die voor het parlementaire debat beschikbaar komt.

    Tom van Doormaal, 17-11-2012

    Wil je bijdragen aan deze uitdagende discussie, reageer hieronder en of neem contact op met Tom van Doormaal

    Reageren is alleen mogelijk voor aangemelde gebruikers