Productiedwang

Productiedwang

Peter van Hoesel, 7-8-2017

Om te overleven moet je werken, dat is van oudsher al zo. Toch kun je je afvragen of dat in onze tijd niet is doorgeschoten. Er wordt zoveel geproduceerd dat de wereld wordt overspoeld met overbodige producten en diensten, en niet te vergeten met overbodige bureaucratie.

Waarom is het nodig om ieder mens op te zadelen met dat dwingende verdienmodel waarin je alleen in je onderhoud kunt voorzien als je betaald werk verricht? Natuurlijk zijn er ook wel uitkeringen, maar die staan helemaal in het teken van: zo snel mogelijk er weer uit, want je kost alleen maar geld.
Dus probeert bijna iedereen op de een of andere manier aan de kost te komen door zelf wat te produceren, al of niet in loondienst. Ik zou dat productiedwang willen noemen.

Die productiedwang leidt tot vele onaangename verschijnselen, zoals: opdringerige verkooptechnieken, overbodige producten en diensten, producten/diensten die niet doen wat ze beloven, schadelijke producten en diensten, veel afval, schade aan het milieu, nutteloos beleid, schadelijke neveneffecten van beleid, complexe bureaucratie.

Tegelijkertijd worden mensen onder meer via de media gehersenspoeld om zich als gretige consument te gedragen. Hoe meer je consumeert hoe meer mens je bent, is de boodschap. Die hersenspoeling is nodig om alle bovengenoemde onaangenaamheden van de productiedwang te kunnen beschouwen als aanvaardbare nevenschade om een heerlijk leven te kunnen leiden.
Anders gezegd: productiedwang leidt noodzakelijkerwijze tot consumptiedwang. Dat verhoogt vervolgens weer de productiedwang, omdat veel mensen tot het gaatje gaan of zelfs nog verder bij het besteden van hun inkomen. Met alle nare gevolgen van dien, zoals schulden en burn-outs.

Bovendien is er ook nog de enorme verleiding van het kapitalisme, waarin mensen wordt voorgehouden dat materiële rijkdom de ultieme kwaliteit van leven mogelijk maakt. Helaas is dat voor slechts weinigen weggelegd, want als veel mensen rijk zouden zijn is er juist geen sprake meer van rijkdom. Rijkdom bestaat bij de gratie van veel mensen met weinig geld/bezit en weinigen met veel geld/bezit.
Het kapitalisme gooit nog wat extra blokken in het vuur van de productiedwang. Rijken worden namelijk rijk door geld af te romen van alle andere mensen die vervolgens nog harder moeten werken.
Rijken consumeren bovendien op een buitensporig niveau, wat de productie van grote huizen, jachten, dure auto’s en andere superluxe goederen aanjaagt.
Daar komt nog bij dat heel wat mensen ook willen rijk worden, dus proberen ze de meest gekke dingen om veel geld te verdienen, waaronder ook illegale activiteiten.

Tenslotte is er (last but not least) het overheidsbeleid dat bijna alleen maar gericht lijkt te zijn op zoveel mogelijk economische groei, waarbij maatregelen tegen de ongunstige effecten van die groei het dikwijls afleggen tegen de groeibevorderende maatregelen.

Daar komt bij dat de overheid aan mensen die voor of met de overheid werken een schitterend platform verschaft om hun productiedwang te botvieren met het bedenken van ingewikkelde regelgeving, overbodige overheidsdiensten en adviesdiensten m.b.t. complexe regelgeving. Ik zou dat regeldwang willen noemen.

Productiedwang, consumptiedwang, regeldwang. Waar zijn we toch mee bezig? Valt dit niet te stoppen? Kan het niet anders?

Er zijn wel individuen en kleine gemeenschappen die zich onttrekken aan dit dwingende verdienmodel, maar ook zij merken dat het niet makkelijk is om dit vol te houden in een samenleving die is doortrokken van al die dwang. Bovendien is hun aantal te verwaarlozen.

Er zijn volgens mij twee manieren om het te veranderen.

Invoering van een voldoende ruim basisinkomen zou zorgen voor een enorme afname van de druk om betaald werk te verrichten. Dat is tegelijkertijd het belangrijkste argument voor tegenstanders van een basisinkomen, omdat zij vastzitten in een kwantitatief economisch groeimodel.
Wie wat langer nadenkt over dat nietsontziende groeimodel zal inzien dat het beter is te streven naar een kwalitatief hoogwaardige economie in plaats van kwantitatief aangedreven economie. De netto welvaart zal er sterk door verbeteren en zal bovendien bereikbaar worden voor mensen die momenteel buiten de boot vallen.
Trouwens, het basisinkomen kan onder meer worden gefinancierd door het afschaffen van allerlei overbodig beleid. Dan snijdt dit mes zelfs aan twee kanten.

Een significante verschuiving naar belasting op productie en consumptie, in het bijzonder bij producten met schadelijke milieueffecten, kan bijdragen aan het terugdringen van overproductie en overconsumptie. Ook dit soort maatregelen zorgt voor grote onrust bij voorstanders van het kwantitatieve groeimodel. Maar ook hiervoor geldt, dat het uiteindelijk zal leiden tot een betere situatie voor iedereen, uitgezonderd wellicht een kleine groep rijke mensen.

Er zijn een paar politieke partijen die in deze richting willen gaan, namelijk de Partij voor de Dieren en Groen Links. Bij andere partijen zie je soms wel flarden ervan terug, maar bij hen domineert dat economische groeimodel. Dat model zal dus nog wel even blijven domineren, gelet op de samenstelling van de komende regering.Om meer politieke ruimte te krijgen lijkt mij nader onderzoek naar dit soort drastische maatregelen een belangrijke stap in de goede richting. Daarbij is van wezenlijk belang dat de toe te passen onderzoektechnieken niet beperkt worden tot kwantitatieve economische modellen, want dan weet je de uitkomst eigenlijk al omdat het terugdringen van overbodige productie binnen die modellen automatisch leidt tot negatieve uitkomsten.

 

Reageren is alleen mogelijk voor aangemelde gebruikers