Doormodderen

Doormodderen

Peter van Hoesel, 19 augustus 2018

Bestuurskundigen vinden het begrijpelijk dat politici niet verder komen dan ‘doormodderen’ zodra ze bestuurlijke verantwoordelijkheid krijgen. Lindblom kwam al in 1959 op de proppen met deze gedachte en eerlijk gezegd valt dit zeker tegenwoordig moeilijk tegen te spreken. Grote stappen zetten lukt gewoonweg niet, zo lijkt het.
Aan de andere kant lijkt het er ook op dat je met vele kleine stappen niet alleen nauwelijks verder komt, maar ook dat je steeds meer vast komt te zitten in de modder.
Elke dag weer wordt via pers en media duidelijk wat er zoal is vastgelopen, waarbij niet eens duidelijk wordt hoe de boel weer op gang kan worden gebracht.
Een paar voorbeelden ter illustratie.

De belastingdienst kan het werk niet aan. De ICT is verouderd en het lukt maar niet om de systemen te moderniseren. De complexiteit van het belastingstelsel wordt ondertussen ook niet aangepakt, sterker nog, het stelsel wordt steeds ingewikkelder. Belastingontwijking wordt nauwelijks aangepakt en dientengevolge betaalt de gewone burger het gelag.

De sociale zekerheid is dermate gecompliceerd, dat er sprake is van een enorme armoedeval waardoor het voor de meeste mensen niet eens loont om betaalde arbeid te verrichten. Daar komt bij, dat mensen door het stelsel veeleer gevangen worden gehouden dan dat ze in vrijheid worden gesteld om de arbeidsmarkt op te gaan. De regelgeving werkt bovendien eerder ontmoedigend op werkgevers om mensen aan te nemen dan stimulerend.

De volkshuisvesting gaat gebukt onder beleid dat: wonen onnodig duur maakt (onder meer via hypotheekrenteaftrek, huurtoeslag, verhuurdersheffing), projectontwikkelaars altijd voorrang geeft boven gewone burgers, beleggers alle ruimte biedt om de markt af te romen, bouwen onderwerpt aan nodeloos ingewikkelde regels.

De gezondheidszorg wordt lastiggevallen met: een enorm hoge administratieve lastendruk, systemen die tot overbehandeling leiden, commerciële praktijken die tot (soms absurd) hoge zorgkosten leiden, een voortdurende druk om elk leven zo lang mogelijk te rekken.

Dit roept de vraag op of het werkelijk niet anders kan. Een treffend voorbeeld daarvan is wellicht te vinden op het gebied van de energietransitie. Je kunt weliswaar niet beweren dat de huidige plannen helemaal deugen (zie bijvoorbeeld de luchtvaart die buiten schot blijft), maar wel dat er sprake is van grote stappen.
De angst voor onomkeerbare effecten van het in de afgelopen eeuw vigerende energiebeleid is blijkbaar zo groot, dat er (eindelijk) sprake is van een ommekeer. Interessant is daarbij ook, dat de politieke tegenstellingen daarbij op de achtergrond lijken te raken: het energieakkoord wordt breed gedragen.

Waarom zou zo’n ommekeer niet mogelijk zijn op allerlei andere gebieden? De druk op die gebieden is waarschijnlijk niet zo groot als op het gebied van energie, maar als er eerder was begonnen met de energietransitie zouden we daarmee nu ongetwijfeld een stuk verder zijn geweest. We weten al sinds de club van Rome dat dit eraan zat te komen, maar al die tijd is er nauwelijks wat gedaan met hun waarschuwingen. Ook de film van Al Gore zorgde nog niet voor een kanteling, maar laat wel zien dat je beter niet kunt wachten totdat het te laat is.

Gek genoeg is het niet eens zo moeilijk om bij bovengenoemde voorbeelden te bedenken welke grote stappen zouden kunnen worden gezet.

 Met een sterke vereenvoudiging van het belastingstelsel, zoals onder meer door Leo Stevens wordt bepleit, kunnen de problemen bij de belastingdienst binnen afzienbare tijd worden opgelost en kan bovendien de lastendruk evenwichtiger worden verdeeld.

Invoering van een basisinkomen van voldoende niveau kan de genoemde problemen op het gebied van de sociale zekerheid en de arbeidsmarkt allemaal oplossen. Hierover is door vele auteurs gepleit. Een goed voorbeeld van zo’n auteur is het Belgische parlementslid Nele Lijnen.

Door alle financiële regelingen op het gebied van de volkshuisvesting af te schaffen en burgers voorrang te geven bij bouwprojecten kan wonen weer betaalbaar worden gemaakt. Onder meer Hugo Priemus pleit al jarenlang voor een revolutie in het beleid op het gebied van wonen.

De zorgsector kan worden geholpen door nog eens goed na te denken over het hybride karakter van de zorgsector. Het gaat om de belangrijkste publieke voorziening voor de samenleving, maar grote commerciële belangen spelen daarbinnen een belangrijke rol. De weeffouten van het huidige stelsel (zoals perverse prikkels, administratieve overlast, ondoorzichtige tarieven) zouden in een verbeterd stelsel kunnen worden aangepakt. Onder meer Marcel Canoy pleit voor diverse verbeteringen van het stelsel.

De vraag blijft hoe de politiek tot het inzicht kan worden gebracht dat dit soort grote stappen veel beter uitpakt dan blijven doormodderen. Waarschijnlijk menen politieke partijen tegengestelde opvattingen nodig te hebben om kiezers te kunnen aanspreken, maar daarmee onthouden ze hun kiezers de mogelijkheden om tot doorbraken te komen die voor iedereen beter zijn.
Bovendien kan bij dergelijke doorbraken beter rekening worden gehouden met uiteenlopende (maar stuk voor stuk relevante) politieke opvattingen dan wanneer het bestaande stelsel grotendeels intact moet blijven. Alleen een ‘zero base’ benadering biedt voldoende ruimte om tot oplossingen te komen die het algemene belang vooropstellen en die niet eenzijdig bepaalde belangen dienen.

Reageren is alleen mogelijk voor aangemelde gebruikers